> New Player in a Aging Worldfleet
De vloot van CFL omvat binnen afzienbare tijd een totaal draagvermogen van ongeveer 120.000 DWT. Daarmee zijn we in het internationale krachtenveld een middelgrote speler.
Door een combinatie van internationalisering en van de vanouds cyclische ontwikkeling van de vrachttarieven, is de zeescheepvaart in de greep van een grootscheepse consolidatieslag. Op zoek naar meer schaalgrootte zijn veel rederijen de afgelopen jaren gefuseerd, overgenomen of hebben overnames gepleegd. Als een gevolg is het aantal rederijen dat vergelijkbare multi purposeschepen in de vaart heeft beperkt. Feitelijk zijn in West-Europa alleen nog de Clipper Group, Briese/BBC, Wagenborg, Spliethoff, Carisbooke en Peter Doehle actief in hetzelfde multipurpose segment.
Wereldwijd omvat de short seavloot (van 5000 tot 25.000 dwt) een geschatte 4500 schepen met een gezamenlijk draagvermogen van 56 miljoen dwt. Opvallend is de hoge gemiddelde leeftijd van de schepen: driekwart van de nu varende schepen is twintig jaar of ouder. Gezien het feit dat een schip na maximaal vijfentwintig jaar aan het eind van zijn levenscyclus is (en voor projectladingen geldt een levensduur van twintig jaar), ontwikkelt zich dus een zeer omvangrijke en voor onderscheidende scheepstypen kansrijke vervangingsmarkt.
Ook in dit opzicht onderscheidt CFL zich in positieve zin. Met een gemiddelde leeftijd van nog geen twee jaar hebben we de jongste vloot in de internationale scheepvaartwereld.
> Sustainable CFL
CFl heeft de ambitie om de carbon footprint van haar activiteiten op alle niveaus te verminderen. Binnen onze organisatie wordt duurzaam handelen als een kerntaak gezien en wordt alles gedaan om een zakenpartner te zijn die zich zowel sociaal als ecologisch bewust is van zijn verantwoordelijkheden jegens maatschappij en milieu.
De samenstelling van onze vloot is daar een voorbeeld van. Bij onze keuze om zelf onze schepen te (helpen) ontwerpen en ontwikkelen speelt mee dat de mate van duurzaamheid een steeds belangrijkere rol gaat spelen in het internationale zeetransport van nu en morgen.
Allereerst is er natuurlijk de wet- en regelgeving die op dit gebied steeds dwingender wordt. Zo legt de International Maritime Organization (IMO) havens overal ter wereld de verplichting op om vervuilende schepen (of zuiverder: schepen die niet voldoen aan de jaarlijks aangescherpte eisen omtrent de reductie van de CO2-uitstoot en het energieverbruik) hogere havengelden op te leggen. Na 2020 zullen zulke schepen zelfs geweerd worden.
Minstens zo belangrijk is dat ook operators en bevrachters betere milieuprestaties eisen van hun vervoerder en dat een lager energieverbruik zich vertaalt in permanent lagere vervoerskosten en dus in concurrerende tarieven.
Het is dus ook de economische realiteit die CFL al vroeg noodzaakte om in hun nieuwbouwontwerpen extra veel aandacht te besteden aan een maximale duurzaamheid. Onze Jumbo’s 6500 en Sole’s 10.000 zetten dan ook op dit gebied de toon. Beide scheepstypen kunnen toe met een hoofdmotor met gereduceerd vermogen en een brandstofverbruik dat door de toepassing van de allerlaatste technologie aanzienlijk lager ligt dan bestaande motoren met een zelfde capaciteit. Per saldo verbruikt een CFL-schip 20 tot 30 procent minder brandstof, en het kan toe met IFO 380. Niet alleen blijft de uitstoot van fijnstof en broeikasgassen daarmee ver binnen de internationale normen, dagelijks worden ook vele duizenden euro’s aan energiekosten bespaard.
Bovendien geeft het ons een voorsprong in het vervoer van en naar ecologisch kwetsbare gebieden. Te verwachten valt dat steeds meer lokale autoriteiten zwaardere duurzaamheideisen zullen stellen aan de scheepvaart die alom gezien wordt als één van de grotere vervuilers in het internationale transport. Gezien de nu eenmaal onontkoombare energietransitie zal de vraag naar flexibele en multimodale tonnage juist in deze gebieden extra sterk groeien.
> Sole 10.000: het ideale werkpaard
De Sole 10.000 is door CFL en partner Peters Shipyards ontworpen en ontwikkeld als het ideale werkpaard onder de zeeschepen. In het bijzondere ontwerp komen een aantal zaken bij elkaar; het speelt in op verwachte veranderingen in de vraag naar flexibele tonnage, het getuigt van een gedurfde en innovatieve kijk op het scheepsontwerp en van het besef dat duurzamere vervoersoplossingen moeten worden ontwikkeld, en het bundelt de ervaringen opgedaan met het vele jaren bouwen van multipurpose schepen.
De Sole 10.000 is dan ook in veel opzichten een geheel nieuw scheepstype geworden.
Met een lengte van 114 meter, een breedte van 17,80 meter en een diepgang van 7,90 meter is het hoe dan ook al het grootste scheepstype dat ooit bij Peters Shipyards in het Nederlandse Kampen van de helling is gelopen. Het schip is uitgerust met een stijlsteven in plaats van de gebruikelijke bulbsteven, en de opbouw is negatief gespiegeld en daardoor verder naar achteren geplaatst. De meeste tanks zijn aan de zijkanten van het schip geplaatst. Door deze ingrepen is de stroomlijn verbeterd en meer ruimte gecreëerd onderdeks.
De meest opvallende nieuwe feature van de Sole 10.000 is het 70,5 meter lange en 15 meter brede ruim. Dit maakt het schip bij uitstek geschikt voor het vervoer van hoogwaardige projectladingen met bijzondere afmetingen. Gedacht moet worden aan (delen van) windturbines of elektriciteitsmasten, scheepssecties en segmenten van offshore-installaties.
De Sole 10.000 kan zulke ladingen verwerken zonder dat ze gedemonteerd hoeven te worden en ook nog onderdeks. Dat is verzekeringstechnisch gezien aantrekkelijker en voor kwetsbare kapitaalgoederen zelfs een voorwaarde. Door de relatief geringe diepgang en de lengte van het schip kunnen bestemmingen worden aangedaan die voor schepen met een vergelijkbaar scheepsruimoppervlak letterlijk onbereikbaar zijn. Een schip met een vergelijkbaar groot ruim is 150 meter of langer. Doordat de Sole’s aan bakboordzijde zijn uitgerust met twee NMF-dekkranen (elk met een SWT van 80 ton en in tandem 160 ton) kunnen ze bovendien zelfstandig ladingen overslaan in havens met een beperkte infrastructuur.
> Duurzamer met dezelfde prestaties
Daarnaast is het ruim van de Sole 10.000 door zijn box shaped vorm geschikt voor het vervoer van alle varianten droge bulk en heeft het een containercapaciteit van 426 TEU (232 TEU onderdeks, 194 TEU bovendeks). Door een andere ontwerpinnovatie – het laten overhangen van de dekluiken – is het voor dekladingen beschikbare dekoppervlak met 15 procent vergroot. Daarmee wordt vooral ingespeeld op de groeiende markt van betaalbaar jachtenvervoer. Net als de Jumbo 6500, op welk ontwerp het schip mede is geïnspireerd, zijn steven en romp extra verstevigd voor het vervoer van zware ladingen.
De Sole 10.000 onderscheidt zich ook op het gebied van energiezuinigheid en ecologische duurzaamheid. Door het betrekkelijke geringe gewicht, het lage weerstandsvermogen en de gunstige vaareigenschappen volstaat een hoofdmotor met een vermogen van 4000 kWh. Om een kruissnelheid te bereiken van 14 knopen ligt het brandstofverbruik 20 tot 30 procent lager dan van vergelijkbare scheepstypen. Dat levert een besparing tot 3000 USD per dag op en ook nog eens een aanzienlijke lagere milieubelasting. Daar komt bij dat de goedkopere IFO 380 heavy fuel oil wordt gebruikt.
> Volgende tewaterlating in Maart 2012
In september 2010 liep de eerste Sole 10.000, de CFL Momentum, van de helling bij Peters Shipyards in Kampen. Met de Deense operator Scan-Trans Chartering ApS in Naestved is een tweejarig timecharter overeengekomen. Inmiddels zijn ook de CFL Marvel en de CFL Motion opgeleverd.
De volgende drie Sole’s, de CFL Martini, CFL Merchant en de CFL More, zullen respectievelijk in mei 2012, november 2012 en in het voorjaar van 2013 worden opgeleverd aan CFL.
Over het verwachte rendement op de vlootuitbreiding zijn zowel CFL als geraadpleegde scheepvaartanalisten en scheepsmakelaars optimistisch. De hogere bouw- en ontwerpkosten van een geheel in Nederland gerealiseerd schip zullen meer dan ruimschoots worden gecompenseerd door de grotere commerciële inzetbaarheid, de lagere energiekosten, de sterke reputatie van een innovatief en duurzaam scheepstype en de langere economische levenscyclus van het nieuwe schip. Bovendien is de gemiddelde Time Charter Equivalent (opbrengst) van vergelijkbare projectgeoriënteerde schepen in verhouding redelijk stabiel gebleven, zelfs op het dieptepunt van de economische crisis.
Het werkelijke rendement van de Sole 10.000 wordt ook gunstig beïnvloed door de veel hoger verwachte restwaarde. Volgens de nu voorliggende prognoses kan deze in 2020 wel eens het dubbele bedragen van die van andere multipurpose schepen van een zelfde omvang, maar van een minder gereputeerde bouwer en in een configuratie die minder flexibel is, beperkter inzetbaar en een minder gunstig brandstofverbruik heeft.
Het prijsopdrijvende effect wordt nog versterkt doordat de Sole 10.000 op termijn een schaars (kapitaal)goed zal blijken te zijn. Lloyd’s Register heeft een classificatie afgegeven met een zogeheten houdbaarheidsdatum. Dat betekent dat door veranderende regelgeving slechts een beperkte serie van deze schepen mag worden gebouwd. Bovendien houden CFL en Peters Shipyards patenten op enkele cruciale onderdelen van het ontwerp.
Het parade-werkpaard van CFL zal straks dus ook een collector’s item blijken te zijn.